Traditionele verwarming werkt meestal met een aanvoerwatertemperatuur van 70-80°C en een retourtemperatuur van 50-65°C. Een alternatief is lagetemperatuurverwarming (LTV). Stoken met lagere temperaturen is vaak zuiniger en maakt het mogelijk om duurzame lage temperatuur warmtebronnen te gebruiken.
Stel een onderhoudsschema op. Resulteert in minder waterverlies en, in het geval van warm water, ook minder energieverlies. De besparingen kunnen flink oplopen. Een kraan die 10 druppels per minuut lekt, veroorzaakt per jaar een verlies van ongeveer 2.000 liter. Een toilet dat een halve liter water per minuut verliest, zorgt voor een dagelijkse waterverspilling van 720 liter. Per jaar loopt dit op tot een verspilling van meer dan 260.000 liter, waarmee een zwembad van 25 bij 10 meter tot 1 meter gevuld kan worden.
Tijdens gebruikstijden wordt de binnentemperatuur bepaald door de gewenste (comfort-)temperatuur voor de gebruikers. Deze gewenste (comfort-)temperatuur kan tijdens de nachtperiode en in het weekend lager zijn. Hoe laag is afhankelijk van de mate van isolatie.
Zorg dat de convectie bij radiatoren (luchtstroming door de temperatuurverschillen) ongehinderd plaats kan vinden door: 1) de aanschaf van een designradiator, of 2) de radiator te schilderen.
Hout (snippers of pellets), bio-olie en biogas kunnen gebruikt worden voor opwekking van elektriciteit en verwarming via een bio-warmtekrachtkoppeling (bio-WKK).
Waterloze urinoirs verbruiken geen water. Er wordt per jaar 187 m3 water bespaard t.o.v een gewoon urinoir. Waterloze urinoirs zijn zo gebouwd dat de urine wegstroomt tot voorbij een afsluiter of afsluitende vloeistof. Deze afsluiting voorkomt dat de urinoirs naar urine gaan stinken. Het blijft (natuurlijk) wel nodig om de urinoirs regelmatig schoon te maken. Schoonmaak en onderhoud zijn afhankelijk van type en vereist een goede instructie.
Bij appendages (flenzen en afsluiters en andere onderdelen van een warm- of koudwatercircuit) gaat warmte verloren. Appendages isoleren is rendabel in gebouwen met een langdurige warmtevraag (bijvoorbeeld zorggebouwen, zwembaden, sporthallen), in warmtapwaterinstallaties en installaties met warme productleidingen. Voor het isoleren van appendages is vaak maatwerk nodig, waardoor de kosten hoger zijn dan voor het isoleren van leidingen. Desondanks verdient deze maatregel zich in korte tijd terug.
Wettelijk minimum bij nieuw- en verbouw is een warmteweerstand (Rc) van 6 m2K/W. Er zijn meerdere methoden. Na isolatie is in de winter is het warmteverlies kleiner en in de zomer komt er minder warmte het gebouw binnen. De besparing bedraagt 5 tot 10 m3 aardgas per m2 dakoppervlak.
Het isoleren van buitengevels verhoogt het comfort en voorkomt warmteverlies en hoge energiekosten. Wettelijk minimum bij nieuw- en verbouw is een warmteweerstand (Rc) van 4,5 m2K/W. De manier van naĂŻsoleren is afhankelijk van de bouwwijze van de gevels.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.