Schakel gedurende koudere perioden (bijvoorbeeld als de buitentemperatuur 5°C kouder is dan de binnentemperatuur) de tochtsluis dusdanig dat de binnen- en buitendeur niet meer gelijktijdig open kunnen staan. Dit voorkomt onnodig energieverbruik en vergroot het comfort in de nabij gelegen ruimten.
Traditionele verwarming werkt meestal met een aanvoerwatertemperatuur van 70-80°C en een retourtemperatuur van 50-65°C. Een alternatief is lagetemperatuurverwarming (LTV). Stoken met lagere temperaturen is vaak zuiniger en maakt het mogelijk om duurzame lage temperatuur warmtebronnen te gebruiken.
Anticondensfolie of coating aan de binnenzijde van de deur zorgt ervoor dat er minder condens op de ruit komt en dat de ruit doorzichtig blijft. De ruit (elekrisch) verwarmen is niet meer nodig. Dat bespaart veel energie, waardoor de investering voor deze maatregel in ongeveer acht maanden wordt terugverdiend.
Hout (snippers of pellets), bio-olie en biogas kunnen gebruikt worden voor opwekking van elektriciteit en verwarming via een bio-warmtekrachtkoppeling (bio-WKK).
Waterloze urinoirs verbruiken geen water. Er wordt per jaar 187 m3 water bespaard t.o.v een gewoon urinoir. Waterloze urinoirs zijn zo gebouwd dat de urine wegstroomt tot voorbij een afsluiter of afsluitende vloeistof. Deze afsluiting voorkomt dat de urinoirs naar urine gaan stinken. Het blijft (natuurlijk) wel nodig om de urinoirs regelmatig schoon te maken. Schoonmaak en onderhoud zijn afhankelijk van type en vereist een goede instructie.
Het isoleren van buitengevels verhoogt het comfort en voorkomt warmteverlies en hoge energiekosten. Wettelijk minimum bij nieuw- en verbouw is een warmteweerstand (Rc) van 4,5 m2K/W. De manier van naĂŻsoleren is afhankelijk van de bouwwijze van de gevels.
In gebouwen met een gebalanceerd ventilatiesysteem kan 10% aardgas voor verwarming bespaard worden door tijdens het opwarmen van het gebouw de ventilatielucht voor 100% te recirculeren.
Een daglichtgeleidingssysteem of daglichtspot is een kleine ronde daglichtkoepel met daaronder een buis met een reflecterende binnenwand die het licht tot ongeveer 10 meter het gebouw in transporteert. Ze zijn handig voor ruimtes die niet grenzen aan buiten, en ruimtes waar lichtkoepels voor oververhitting zorgen.
Biodiesel en bio-ethanol kan bijgemengd worden toegepast in voertuigen, mobiele werktuigen en aggregaten. Bij hogere percentages zijn mogelijk aanpassingen aan de motor nodig. Biobrandstoffen zijn over het algemeen iets duurder dan fossiele brandstoffen. De CO2-winst van deze biobrandstoffen uit afval en residuen kan oplopen tot 89%.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.