Spouwmuurisolatie verlaagt de energiekosten en verhoogt het comfort.
Door gevels vindt verlies van warmte en/of koude plaats. Isoleren vermindert dit, waardoor minder verwarmd hoeft te worden. Daarnaast wordt door de spouwmuurisolatie bij een verwarmde ruimte de (binnen)oppervlaktetemperatuur van de muren hoger, waardoor de binnentemperatuur (bij behoud van hetzelfde comfortniveau) kan worden verlaagd. Ook dit resulteert in minder stoken. In de zomer werkt het net andersom.
Veel gebruikte isolatiematerialen in spouwmuren zijn PUR-schuim, geëxpandeerd polystyreenschuim (EPS) en glas- of steenwol. Milieucentraal geeft aan dat de verschillen tussen de materialen klein zijn: alle materialen isoleren ongeveer even goed. Hieronder worden meerdere isolatiematerialen toegelicht.
Isolatie van de spouwmuur is vaak toepasbaar in gebouwen met een bouwjaar tussen 1930 tot 1975. Deze gebouwen hadden vaak een ongeïsoleerde spouwmuur. Als later spouwmuurisolatie is toegepast zijn veelal afgedichte gaten in de buitenmuur te zien. Vanaf 1975 is de spouwmuur vaak al geïsoleerd bij de bouw.
De maatregel is toepasbaar bij buitenmuren, maar ook muren tussen verwarmde en gekoelde ruimtes in gebouwen, bijv. koel- en vriescellen. Zelfs als je niet alles wilt isoleren, laat dan met name de muren waar de wind en regen op neerkomt isoleren.
De mogelijkheid moet door een isolatiebedrijf worden beoordeeld.
Het na-isoleren van spouwmuren is begonnen in de jaren 70 en 80. De technieken waren toen nog niet perfect. Isolatiemateriaal dat in die periode is aangebracht kan in de loop der jaren naar beneden zakken, waardoor de spouw niet meer goed isoleert. Je kunt dit zien op een warmtefoto van je huis. Soms is het mogelijk om je spouwmuur met hetzelfde (of soortgelijk) materiaal bij te vullen, soms is het beter om de spouw eerst te laten schoonmaken. Laat je hierover adviseren door een vakkundig bedrijf voor spouwmuurisolatie.
Het kan ook zijn dat er bij de bouw dunne isolatieplaten in de spouw zijn aangebracht, waarbij er nog een luchtspouw zit tussen de isolatieplaat en de buitenste muur. Dit gebeurde vooral in de jaren 70 en 80. Als de luchtspouw breed genoeg is (minstens 4 cm bij EPS-platen, minstens 5 cm bij glas-of steenwol), kan er extra isolatiemateriaal in de muur geblazen worden. Ook hierover kan een vakkundig na-isolatiebedrijf advies geven. (Bron: Milieucentraal)
In de spouwmuren van jouw huis kunnen ringslangen en vleermuizen wonen en vogels nestelen. Vleermuizen, maar ook gierzwaluwen en huismussen, zijn beschermde diersoorten. Je mag een spouw waar deze dieren kunnen nestelen daarom niet zonder aanvullend onderzoek vullen. In de Wet Natuurbescherming staat dat er onderzoek nodig is door een deskundige en dat je een ontheffing nodig hebt. Die kan je aanvragen bij de provincie of je gemeente. Sommige gemeenten hebben dit al voor je geregeld. In andere gemeenten kan dit via een verkorte procedure. Kijk op de website van Natuurvriendelijk isoleren of vraag dit na bij je gemeente. Lees voor meer achtergrondinformatie op de website van Milieucentraal.
Veelal zal je moeten zorgen voor vervangende leefruimtes, zoals vleermuisstenen en vleermuiskasten, en in augustus/september moeten isoleren om de kans op aanwezigheid van vleermuizen te minimaliseren.
Voor het isoleren van spouwmuren, zijn de volgende aandachtspunten van belang:
In maatregel Grootschalige isolatiemaatregelen lees je wat de wettelijke eisen en streefwaarden zijn voor isolatie bij nieuw- en verbouw. Met het vullen van een spouwmuur haal je die waarde niet. Mogelijk is dus extra isolatie nodig om je gebouw te laten voldoen aan (aankomende) eisen voor energiezuinigheid.
De breedte van de spouw (4 of 6 cm) en met welk materiaal deze wordt gevuld beïnvloedt de nieuwe isolatiewaarde (Rc-waarde, wordt 1,3 m2K/W) nauwelijks. Het isoleren van spouwmuren bespaart:
Bij de winning van grondstoffen, de productie en het transport van bouwmaterialen komt veel CO2 vrij. Deze uitstoot is (voor een nieuw gebouw) bijna net zo groot als die van het energiegebruik voor het verwarmen van het gebouw (tijdens de rekenkundige levensduur van het gebouw). Het gebruik van biobased materialen zorgt voor een significante reductie in de uitstoot van CO2.
Isolatiematerialen van bijvoorbeeld hennep, vlas of houtvezel hebben een aanzienlijk lagere milieu-impact. Ze zijn hernieuwbaar, reguleren vocht op natuurlijke wijze en dragen bij aan een gezonder binnenklimaat doordat er geen schadelijke dampen uit de materialen vrij kunnen komen.
Kosten zijn per m2 gesloten gevel € 31 voor de begane grond en voor verdiepingen € 67 (incl. steigerkosten) (Bron: Arcadis, 2022). Raadpleeg de kostenkengetallen van Arcadis voor meer gedetailleerde informatie. Consumentenorganisaties als de Consumentenbond en MilieuCentraal raden aan om meerdere offertes op te vragen. De prijzen kunnen namelijk enorm verschillen. Voor de zakelijke markt zal dat niet anders zijn.
Minimaal 20% van de gevel moet uit spouwmuur bestaan om de maatregel rendabel uit te kunnen voeren.
Deze maatregel verdient zich op de begane grond (!) op een zelfstandig moment binnen vijf jaar terug. Voor hogere gebouwen verhogen de steigerkosten de totale kosten flink. Daardoor is deze maatregel daar veelal toepasbaar op een natuurlijk moment, als de steiger ook voor andere werkzaamheden nodig is.
Deze maatregel verdient zich sneller terug als het gebouw niet alleen verwarmd maar ook gekoeld wordt.
Isolatie voor bestaande constructies staat op de Energielijst (2026, code 210403). Daarnaast staan biobased isolatiematerialen ook op de Energielijst (2026, code 210404) en komen daarom, onder voorwaarden, in aanmerking voor Energie Investerings Aftrek (EIA). Dit betekent dat je een extra bedrag ter grootte van 40% (2026) van het investeringsbedrag ten laste mag brengen van de winst. Zie voor meer informatie www.rvo.nl/eia.
De Omgevingswet schrijft voor dat locaties die aan bepaalde voorwaarden voldoen verplicht zijn rendabele energiebesparende maatregelen (met een terugverdientijd van 5 jaar of minder) uit te voeren. Deze maatregel is (onder voorwaarden) rendabel ofwel erkend. Lees meer in de maatregel Voldoe aan (erkende) maatregelen uit Omgevingswet. Op de website van RVO downloadt je de volledige Erkende maatregelenlijst met de technische en economische randvoorwaarden.
Energiezuinige technieken moeten goed beheerd worden om te besparen wat mogelijk is. Zo moeten installaties goed ingeregeld, beheerd en onderhouden worden. Dit heet doelmatig beheer en onderhoud (DBO). Daarom heeft de overheid in iedere erkende energiemaatregel aangegeven welke DBO-actie nodig is om de maatregel optimaal te laten functioneren. Beoordeel jaarlijks of de techniek nog goed functioneert. Lees meer in maatregel Jaarlijks doelmatig beheer en onderhoud van (erkende) energiemaatregelen.
Bronnen: Stichting Stimular, Erkende Maatregelenlijst 2019, Erkende Maatregelenljst 2023 en Informatiebank
Op een later moment even in alle rust deze pagina doornemen? Vul hieronder jouw e-mailadres in en wij sturen een eenmalige mail met een link naar deze pagina.
Met onze maandelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid.
Abonneer je nu!
Bekijk meer maatregelen om duurzaamheidswinst te boeken in dit proces.
Bekijk de maatregelenMaatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) betekent dat je het milieu zo min mogelijk belast, de talenten van medewerkers benut en bijdraagt aan de stabiliteit van de samenleving.
Bekijk de wegwijzerMaatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) betekent dat je het milieu zo min mogelijk belast, de talenten van medewerkers benut en bijdraagt aan de stabiliteit van de samenleving.
Bekijk de wegwijzerAanvullingen en verbetersuggesties voor maatregelen zijn welkom