In 2025 hebben zeventien onderwijsinstellingen meegedaan aan de afvalbenchmark hoger onderwijs van VANG Buitenshuis. Zes hogescholen en elf universiteiten stuurden hun afvalgegevens in. Deelnemers kunnen door de benchmark hun eigen afvalsituatie vergelijken met die van de andere instellingen en praktijkervaring uitwisselen. Stimular voerde de benchmark uit. Wat viel op?
Vergelijken afvalhoeveelheden: per student en per vloeroppervlak
De afvalbenchmark richt zich op bedrijfsafval wat vergelijkbaar is met huishoudelijk afval. Gevaarlijk afval, bouw- en sloopafval en afval uit groenonderhoud vallen buiten de scope. Deze derde afvalbenchmark is een vervolg op die uit 2024. In beide benchmarks zijn gegevens over twee jaren uitgevraagd, waardoor een vergelijking mogelijk is tussen 2022, 2023 en 2024. Het aantal deelnemers bleef gelijk, al vonden binnen de groep enkele wisselingen plaats. De datakwaliteit verbetert, waardoor onder meer het opgegeven vloeroppervlak steeds beter overeenkomt met de locaties waar het afval in de benchmark vrij komt.
Om de organisaties te benchmarken zijn twee bedrijfsgegevens vergeleken: afval per student en afval per per m2 vloeroppervlak. Het gemiddelde afvalgewicht per student daalde in 2024 met 6% ten opzichte van 2023. Omdat dit sterk verschilt tussen hogescholen, technische universiteiten en overige universiteiten is ook gekeken naar de drie clusters.
- Hogescholen: 10% minder afval per student in 2024, vooral door minder restafval en een sterke afname van vertrouwelijk papier.
- Niet-technische universiteiten: na een stijging in 2023 (+7%) volgt in 2024 een daling (-6%), door afname van meerdere afvalstromen.
- Technische universiteiten: al twee jaar een daling (-1% en -4%), vooral door minder gescheiden stromen; het restafval neemt licht toe.
Bij vergelijking per m2 vloeroppervlak zijn de verschillen tussen de drie typen onderwijsinstellingen veel kleiner. De trends wijken af doordat het aantal studenten per m2 per jaar anders is. Bij hogescholen daalt het afval per m2 gestaag. Niet-technische universiteiten zien eerst een stijging en daarna een sterkere daling, waarbij het restafval in 2024 terug is op het niveau van 2022. Bij technische universiteiten neemt het afval per m2 al twee jaar af, terwijl het restafval vrijwel gelijk blijft.
Afvalscheiding
Het gemiddelde afvalscheidingspercentage daalt licht van 41% in 2022 naar 39% in 2024. Deze kleine afname zien we niet als een duidelijke trend. Tussen onderwijsinstellingen blijven de verschillen groot: de meesten halen 30-43% met uitschieters van 22,5% en 67% in 2024. Deze spreiding in afvalscheiding is nog groter dan in eerdere jaren. Daarbij geldt dat een hoog scheidingspercentage niet automatisch betekent dat er weinig afval ontstaat per student.

Hogescholen die steeds een stapje verder gaan met de afvalscheiding halen de hoogste afvalscheidingspercentages. Zo startte de Haagse Hogeschool een pilot met een zogenaamde twijfelbak in hun kantoren, die los staat van de overige afvalstromen. Daardoor daalde het aandeel restafval in de pilot van 25% naar 6%.
Meer afvalpreventie en beperking van verpakkingsmateriaal
Naast betere afvalscheiding zetten de deelnemers ook steeds meer in op de vermindering van afval. Instellingen stellen concrete doelen, zoals maximaal zeven kilo afval per persoon in 2030, en zetten maatregelen in als het terugdringen van voedselverspilling, afspraken met leveranciers en hergebruik en opknappen van meubilair. Ook groeit de aandacht voor opleidingsspecifiek afval, zoals het herverdelen van labmaterialen en hergebruik van verbandmateriaal.
Daarnaast zetten instellingen steeds meer in op het beperken van verpakkingsmateriaal. Intern hergebruik en afspraken met leveranciers helpen daarbij, al blijven bijvoorbeeld koelelementen een knelpunt doordat terugname nog niet mogelijk is en hergebruikroutes verzadigd raken.
Afvalsorteeranalyses geven meer inzicht in verbetermogelijkheden
De meeste deelnemers voeren afvalsorteeranalyses van hun restafval uit en zien dat vooral biogeen afval en verpakkingsmateriaal hier nog vaak in terechtkomen. Door beter scheidingsgedrag en het vervangen van wegwerp door herbruikbare alternatieven ligt hier ruimte voor preventie. Deelnemers maken hierover afspraken met (externe) horeca op de campus. Ook statiegeldverpakkingen blijven in het restafval belanden, waarop deelnemers extra inzamelplekken en donatiebakken hebben ingericht.
Sleutelrol voor gedrag en communicatie
Deelnemers noemen gebruikersgedrag als grootste belemmering en zetten daarom sterk in op het makkelijker maken van juist scheiden, ondersteund door gerichte communicatie. Tijdens de slotbijeenkomst deelden zij inspirerende voorbeelden, zoals het zichtbaar maken van afvaldata op informatieschermen, speelse introducties voor nieuwe studenten en wedstrijden tussen locaties.
Vervolg in 2026
Het programma VANG Buitenshuis, dat in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wordt uitgevoerd, is van plan in 2026 opnieuw een afvalbenchmark voor hoger onderwijs te faciliteren. Daarin zullen leerpunten en onderzoeksvragen uit deze afvalbenchmark meegenomen worden. De huidige deelnemers hebben aangegeven (weer) mee te willen doen. Interesse om aan te sluiten? Stuur een bericht via het contactformulier van VANG Buitenshuis.
Bekijk het volledige artikel op de site van VANG Buitenshuis.