Door de lage druk, 5 tot 10 maal lager dan bij conventioneel spuiten, ontstaat minder verneveling en minder terugslag van verf. Het aanbrengrendement (55 tot 80%) is hoger dan bij conventioneel pneumatisch spuiten (30 tot 60%). Kies voor een bovenbekerpistool. Een bovenbekerpistool kan in tegenstelling tot een onderbekerpistool helemaal leeggespoten worden.
Het gebruik van tape, maskeerpapier en folie bij spuitwerkzaamheden kan op meerdere manieren worden verminderd: Denk aan de juiste tape (type en breedte), maskeerpapier van minimale dikte en breedte, hergebruik maskeerpapier, etc. Maak afspraken over het gebruik, bijvoorbeeld in het werkoverleg. Het verbruik van deze materialen is sterk persoonsafhankelijk. Aandacht bespaart.
Drie maatregelen: 1) Kies voor een spuitcabines of -wand waar de lucht wordt aangezogen via een zo klein mogelijke aanzuigopening en met een optimale luchtsnelheid. Voorzie de spuitcabines van dubbele deuren en zorg voor een goede isolatie van de luchtkanalen tussen brander en de spuitcabine, met bijvoorbeeld glaswol. 2) Schakel de afzuiging van de spuitcabine en de pomp van het watergordijn uit als enige tijd niet gespoten wordt. 3) Zorg voor recirculatie van afgezogen lucht via een discontinu recirculatiesysteem.
Werkplaats, wasplaats, spuitinrichting en antiroestbehandelingsruimte moeten een vloeistofdichte, oliebestendige en onbrandbare vloer hebben. Een pompeiland moet voorzien zijn van vloeistofdichte bestrating. Een vloeistofdichte vloer is een goed verdichte betonvloer met een dikte van 15 cm. Er zijn methodes om een gescheurde of niet goed verdichte vloer vloeistofdicht te krijgen, alsook een vloer bestaande uit stelconplaten.
Brancheproces: Verven en spuitenFaciliteiten: Inkoop en voorraadbeheerAfval: Preventie
Emissies
Bedrijfsafval
Gevaarlijk afval
In het kort
Afval bestaat vaak voor een deel uit magazijnrestanten en niet meer bruikbare verf. Bespaar door een goed voorraadbeheer en een goede planning op de kosten van grondstoffen (minder verliezen) en verwerking van gevaarlijk afval. Denk aan vorstvrij houden, kleine voorraad, first-in first-out, grote en kleine verpakkingen, registratie verfverbruik, etc.
Efficiënter verven en spuiten leidt tot minder (gevaarlijk) afval, grondstofverbruik en oplosmiddelemissies. Voorbeelden van maatregelen zijn: goede opleiding van spuiters, gebruik HVLP-spuitpistool met bovenbeker, spuit loodrecht en zorg voor: constante persluchdruk, voldoende spuitafstand en voldoende licht. Hanteer onderhoudsprogramma, sluit blikken af, berg spuitmasker op, hergebruik overgebleven lak zonder harder.
Van het spoelwater kan 90% hergebruikt worden. Het spoelwater kan gebruikt worden voor het bevochtigen van voertuigen (voorwas) of voor spoeling van toiletten e.d. (grijswatercircuit). In de meest uitgebreide vorm bestaat de reinigingsinstallatie uit slibvangput, olie-waterafscheider, waterbehandelingsinstallatie, omgekeerde osmose-installatie en meerdere opslagtanks.
De koelvloeistof is te regenereren in een (extrene) regenereerinstallatie, de koelvloeistof wordt daarbij afgescheiden van (olie)verontreinigingen. De koelvloeistof kan dan weer opnieuw worden gebruikt voor het koelen van de motor. Met deze maatregel bespaart u op de inkoop van koelvloeistof en op de afvalverwerkingskosten.
Het gebruik van een kleurenmengsysteem leidt tot minder lakafval, omdat lakkleuren exact in de benodigde hoeveelheid aangemaakt worden. Met een kleurenmengsysteem worden kleurenpasta´s en basislakken gemengd tot lakken in een divers kleurenpalet. Lakkleuren waarvan kleine hoeveelheden gebruikt worden, hoeven hierdoor niet meer in blikken van bepaalde grootte ingekocht te worden. En, doordat ongemengde kleurenpasta´s en basislakken lang houdbaar zijn, komen lakverliezen door oude lakken niet voor.
In een simpel computergestuurd kleur-mengsysteem wordt per mengkleur exact de benodigde hoeveelheid uitgerekend. Door toepassing van deze maatregel is 15 tot 30% minder lak nodig en wordt de afvalstroom lak 2 tot 3 keer zo klein.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.