Soms is het lichtniveau ruim boven de arbonorm. In deze gevallen kan door het uitdraaien van TL-buizen simpel energie bespaard worden, terwijl er nog steeds voldoende licht is. Haal in een armatuur met 4 TL-buizen bij voorkeur 2 buizen weg (en niet slechts 1).
De ventilatieschuif wordt geopend aan het eind van het bakproces en wordt weer gesloten vlak voor het openen van de ovendeur. Door de schuif te automatiseren wordt overmatige ovenventilatie voorkomen dit leidt tot een besparing van 3% op het gasgebruik van de oven.
Lekkende condenspotten is een belangrijke oorzaak van energieverlies in een stoomsysteem. Laat daarom de condenspotten minstens 1 keer per jaar nakijken. Om een goede werking van condenspotten vast te stellen zijn metingen met stethoscoop of ultrasone detectie nodig. Deze metingen moeten door specialisten worden uitgevoerd.
Stem de keteldruk af op de energievraag. Hoe lager de druk, hoe lager de energieverliezen en hoe langer de levensduur van het stoomnet. Ga na bij welke stoomdruk de aangesloten apparatuur nog goed werkt. Deze maatregel leidt tot een besparing van 1 tot 2 % op het gasverbruik van de stoomketel.
Vermijd warmteverliezen en win warmte terug uit condensaat door: Condensaat naar de ontgasser te voeren en opnieuw te gebruiken in de ketel, Condensaat te ontspannen (flashen) in een ontspanningsvat. Hierbij komt stoom en condensaat vrij. Condensaat langs een warmtewisselaar te leiden en de warmte te gebruiken voor het voorverwarmen van suppletiewater.
De warmte uit het spuiwater is in twee stappen terug te winnen. Allereerst kan in een ontspanningsvat de druk van het spuiwater verlaagd worden. De dampstoom die dan ontstaat is te gebruiken als verwarmingsbron voor de ontgasser, maar ook als lagedrukstoom in het productieproces. Vervolgens kan de warmte in het overgebleven spuiwater kan teruggewonnen worden met een warmtewisselaar en is deze warmte te gebruiken om voedingswater op te warmen. Deze maatregel leidt tot een besparing van 1 tot 3 % op het gasverbruik van de stoomketel.
De rendementen van gasgestookte stoomgeneratoren zijn beter dan die van stoomketels. De warmteoverdracht vindt bij een generator op een kleiner oppervlak plaats, waardoor warmteverliezen bij de brander kleiner zijn. Een generator is (fysiek) kleiner dan een ketel. Doordat het rendement van een generator hoger is kan bovendien volstaan worden met een kleiner vermogen. Deze maatregel leidt tot een besparing van 5 tot 10 % op het gasverbruik van het stoomsysteem.
Dikwijls kan men energie en geld besparen door het stoomnet (180°C), het condensaatnet (100°C) en het warmwatersysteem (60°C) beter te isoleren. Vergeet hierbij de flenzen en kranen niet.
Retarders bestaan uit metalen spiralen die in de ketel worden geplaatst. Hierdoor wordt de warmte van de rookgassen beter overgedragen aan het ketelwater. Het plaatsen van een retarder levert 1% tot 2% rendementsverbetering op.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.