Inregelen van cv en klimaatinstallaties moet je onderhouden. Controleer - in meerdere seizoenen en op meerdere momenten van de dag - het functioneren van de cv-installatie. Een eerste indicatie verkrijg je door de temperatuur van het cv-water te controleren. Controleer ook de data die de cv-regelapparatuur weergeeft. Vraag je installateur om hulp als je vermoedt dat de cv-installatie niet goed geregeld is.
Kies bij aanschaf van een nieuwe cv-pomp voor een frequentiegeregelde pomp. Bij een frequentiegeregelde pomp wordt de benodigde capaciteit van de pomp op het gewenste debiet in het verwarmingssysteem afgestemd. Een frequentieregeling wordt ook wel toerenregeling genoemd. Behalve energiebesparing zorgt een frequentiegeregelde pomp ook dat niet een onnodig hoge druk in de leidingen wordt opgebouwd. Daardoor neemt de schade aan kleppen en de kans op geruis in de leidingen (door te hoge watersnelheid) af.
Bij een interne verschuiving, functieverandering of verbouwing worden temperatuursensoren regelmatig vergeten. Het gevolg is dat het gebouw niet energie-efficiënt verwarmd, gekoeld en/of geventileerd wordt. Zorg dat buiten-, binnen-, wind- en zonnestralingssensor op een goede plek hangen.
Als de buitentemperatuur hoger is dan 16 °C en de cv-installatie is warm, is de stookgrens mogelijk niet goed ingesteld. De stookgrens is de maximale buitentemperatuur waarbij een cv-ketel of cv-groep aanslaat. Een te hoge stookgrens veroorzaakt energieverspilling in het voor- en het najaar: de cv-ketel of cv-groep levert dan warmte, terwijl interne warmtebronnen voldoende warmte leveren om een comfortabele binnentemperatuur te handhaven.
Voor lokaal en regionaal transport vormen elektrische bestelauto's een goed alternatief voor auto's op diesel en benzine. Elektrische bestelauto's zorgen voor 100% vermindering van lokale luchtverontreiniging en 65% minder uitstoot van broeikasgassen dan een gemiddelde bestelauto. De elektrische bestelauto is economisch interessant indien bestelauto's jaarlijks meer dan 20.000 kilometer afleggen.
In het bestaande wagenpark kan je maatregelen nemen om de milieubelasting te verminderen met: goede bandenspanning, plaatsing van Air-Twisters, led-verlichting, uitwasbare luchtfilters, gerecyclede onderdelen, biologische oliën en smeermiddelen, watergedragen lakken.
Ruim de helft van alle auto’s rijdt met banden met onderspanning. Dat komt omdat autobanden, net als fietsbanden, langzaam hun spanning verliezen. Doordat de rolweerstand toeneemt, verbruikt de auto 2 tot 5% extra brandstof. Ook neemt de bandenslijtage toe, waardoor eerder nieuwe banden nodig zijn. Daarbij is rijden met de juiste bandenspanning veiliger.
Naar schatting 20 tot 30 % van alle verkochte hydrauliekolie komt in het milieu terecht. Smeermiddelen gaan altijd verloren. Het gebruik van biologisch afbreekbare smeermiddelen en oliën vermindert de milieuvervuilende emissies (naar lucht en bodem) in de gebruiksfase.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.