Als er een flinke koel- en verwarmingscapaciteit nodig is kan opslag van warmte en/of koude in de bodem zeer aantrekkelijk zijn. Opslag van warmte en/of koude in de bodem wordt in Nederland op grote schaal toegepast. Er bestaan gesloten en open systemen.
Bij een open warmte- en/of koudeopslag (WKO) wordt in de (basis) koelbehoefte in de zomermaanden voorzien door grondwater vanuit een aquifer te onttrekken (de eerste bron). Het grondwater heeft dan een temperatuur van circa 8°C en is na het koelproces opgewarmd naar bijvoorbeeld 18°C. Het opgewarmde ‘koelwater’ wordt na gebruik weer in de aquifer opgeslagen (een tweede bron). Dit opgewarmde water kan in de wintermaanden voor (basis) (voor-)verwarming worden ingezet. Als het opgewarmde water niet als (basis) (voor-)verwarming wordt ingezet, moet dit water via de buitenlucht worden teruggekoeld. Na afkoeling wordt het grondwater weer in de eerste (koude) bron opgeslagen, zodat het grondwater weer geschikt is voor de volgende zomerperiode. Dit proces heet ‘laden’ van de bron.
Het grondwater mag niet in contact komen met de buitenlucht om oxidatie van het grondwater te voorkomen. Het uitwisselen van warmte vindt altijd plaats via een warmtewisselaar.
Een gesloten systeem werkt in principe hetzelfde als een open systeem, alleen wordt hier vloeistof in buizen door de bodem geleid (vaak met toevoeging van antivriesmiddel). Deze vloeistof komt niet in direct contact met het grondwater en er is dus geen actieve verplaatsing van grondwater door het systeem. Zo’n systeem wordt ook wel een bodemwarmtewisselaar genoemd (bww).

Bron foto: Kijk! Duurzaam! bij Careyn in opdracht van Expertisecentrum Verduurzaming Zorg .
Duurzaam totaalconcept voor bedrijfsgebouw
"Als het aan ons ligt kopiëren minimaal honderd andere bedrijfsgebouwen onze oplossingen." Houtbouw en warmte- en koudeopslag in een ondergronds waterreservoir zijn de kern van het concept.
Different Doors
Sil Kuppens
Renovatie Inholland Alkmaar voorbeeld voor andere hogescholen
Belangrijkste maatregelen: renovatie in plaats van nieuwbouw én een flinke reductie van het aantal vierkante meters vloeroppervlak. De WKO zorgt daarbovenop voor de grootste reductie van het energieverbruik.
Inholland Alkmaar
Maarten van Mierlo (adviseur huisvesting & vastgoed)
Met strakke regie verdient Miele de meerinvestering in 4 jaar terug
"Voor ons, en eigenlijk voor iedereen die een WKO in gebruik neemt, is dit een duidelijke les: ga vanaf de eerste dag meteen de installatie componenten en alle energiestromen monitoren."
Miele Nederland
Marcel Maas, hoofd facilitaire zaken
Herstel balans in wko-systeem met warmte van serverruimtes
Cruciaal voor een optimale werking van een WKO is de bronnenbalans. Bij het verduurzamen van gebouw Torenburg in Alkmaar zijn de computerruimtes direct op het wko-systeem aangesloten.
Vivat
Geen demarcatielijnen meer
In 2004 besloot de gemeente Schijndel om het nieuwe cultureel centrum ‘t Spectrum aan te sluiten op een WKO-systeem. Die WKO werd pas een succes toen één partij voor het beheer en de regeltechniek van zowel WKO als klimaatinstallatie verantwoordelijk werd.
Cultureel centrum ‘t Spectrum
Hans Fassbender, accommodatie manager
Over een langere periode (in de wet vastgelegd als vijf jaar) moet de koude- en warmteonttrekking in evenwicht zijn. Dat maakt deze technologie praktisch alleen geschikt voor gebouwen die zowel warmte als koude vragen. Overweeg deze maatregel voor gebouwen met een:
Daarnaast is het een vereiste dat het gebouw geschikt is of gemaakt wordt voor hogetemperatuurkoeling (HTK) en lagetemperatuurverwarming (LTV).

Bron foto: Kijk! Duurzaam! bij Careyn in opdracht van Expertisecentrum Verduurzaming Zorg .
De bodem moet wel geschikt zijn. In de WKO-bodemenergietool kun je op een kaart zien waar de bodemgesteldheid geschikt is voor het opslaan van warmte en/of koude in de bodem. Voordat het systeem kan worden toegepast, is altijd een uitgebreid haalbaarheidsonderzoek nodig. Voer het haalbaarheidsonderzoek daarom uit ruim voor de vervanging van de koelmachine (levensduur tussen de 10 en 20 jaar). Houd ook rekening met het verkrijgen van de vergunning(en).
Om ervoor te zorgen dat meer gebouwen het bodempotentieel van de ondergrond kunnen gebruiken is het zaak om rekening te houden met de onderstaande aspecten:
Met een WKO kan 40 tot 80% koelingsenergie bespaard worden en 40 tot 60% verwarmingsenergie (t.o.v. een gasgestookte cv-ketel).

Bron foto: Kijk! Duurzaam! bij Careyn in opdracht van Expertisecentrum Verduurzaming Zorg .
De daadwerkelijke investeringskosten hangen af van de situatie. TNO geeft de volgende indicatie: “Voor het bij (vervangende) nieuwbouw aanbrengen van een warmtepomp in combinatie met warmte koude opslag wordt uitgegaan van gemiddelde meerkosten van € 100 per m2 BVO (inclusief BTW, opslagen en prijspeil 2016, ten opzichte van een verwarmingssysteem op gas). Hierbij is ervan uitgegaan dat de meerkosten voor een LTV-afgiftesysteem bij nieuwbouw nihil zijn. Met het tussentijds vervangen van de warmtepompen aan het einde van hun levensduur is in de berekeningen geen rekening gehouden.”
Arcadis (2022) geeft kostenschattingen voor WKO-systemen. De kosten zijn zeer beperkt afhankelijk van benodigd cv-vermogen, omdat het grootste deel van de kosten in realiseren van de bron zit. Stimular leidde af dat een WKO voor een zorggebouw van zo’n 1.500 m2 gebruiksoppervlak (GO) € 270.000 kost. En voor een zorggebouw van 4.400 m2 GO € 310.000. Raadpleeg de kostenkengetallen van Arcadis voor meer gedetailleerde informatie.
Grootschalige WKO-systemen verdienen zich in 5 tot 10 jaar terug.
Een warmte- of koudeopslag in de bodem (WKO) en een grondwarmtewisselaar staan op de Energielijst (2026, codes 251201 en 251202) en komen daarom, onder voorwaarden, in aanmerking voor Energie Investerings Aftrek (EIA). Dit betekent dat je een extra bedrag ter grootte van 40% (2026) van het investeringsbedrag ten laste mag brengen van de winst. Zie voor meer informatie www.rvo.nl/eia. Als de WKO geïnstalleerd wordt om afvalwarmte op te slaan valt deze op de Energielijst onder opslag van overtollige warmte (code 260405).
Doordat LTV een trager systeem is dan hogetemperatuurverwarming (HTV), is (meestal) een verandering in het gedrag van de gebruikers van het gebouw nodig om comfortabel te kunnen verwarmen met een LTV.
Hieronder twee voorbeelden. Hierbij zijn ook de redenen en voorwaarden aangegeven, zodat de gebouwgebruikers begrijpen waarom ze hun gedrag moeten aanpassen en dat dit voor hen geen nadelige consequenties heeft.
Bron: Infomil, Stichting Stimular
Op een later moment even in alle rust deze pagina doornemen? Vul hieronder jouw e-mailadres in en wij sturen een eenmalige mail met een link naar deze pagina.
Met onze maandelijkse nieuwsbrief blijf je op de hoogte van de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid.
Abonneer je nu!
Bekijk meer maatregelen om duurzaamheidswinst te boeken in dit proces.
Bekijk de maatregelenMaatschappelijk verantwoord ondernemen (MVO) betekent dat je het milieu zo min mogelijk belast, de talenten van medewerkers benut en bijdraagt aan de stabiliteit van de samenleving.
Bekijk de wegwijzerAanvullingen en verbetersuggesties voor maatregelen zijn welkom