Duurzaam verlichten begint met het optimaal gebruik van daglicht, dat wil zeggen bij een goed ontwerp van de daglichtopeningen (ramen, lichtkoepels, lichtstraten en glasstroken in scheidingswanden). Enerzijds kost dit minder energie voor verlichting. Maar minstens zo belangrijk: mensen vinden daglicht prettig.
Als je de zolder onder een schuin dak niet gebruikt als verblijfsruimte, isoleer dan de vloer. Voordelen hiervan: je bespaart meer energie, er is minder isolatiemateriaal nodig, het is eenvoudiger en kost minder werk.
Via garagedeuren en transporttoegangen gaat over het algemeen veel warmte verloren, mede door tocht en dwarsventilatie. Beperk de tijd dat de toegang geopend is. Een snel sluitende deur is een geschikte oplossing hiervoor. Deze zijn zowel toepasbaar als buiten- en als tussendeur.
Een condensor moet warmte uit de koel- en vriesruimten kunnen afgeven aan de omgeving. Als het condensoroppervlak vervuild raakt, vermindert de warmteafgifte en kan het energieverbruik van de condensor met 10% toenemen. Maak de condensor jaarlijks schoon. Zo wordt het energieverbruik laag gehouden.
Gemiddeld lekt 2 tot 5 % van het synthetisch koudemiddel weg per jaar. Dit is zeer belastend voor het milieu. Je vermindert de milieubelasting door periodiek op lekkages te laten controleren. Bij vervanging kies je voor een installatie met een laag lekpercentage, die niet gebaseerd is op compressiekoeling, die werkt op natuurlijke koudemiddelen zoals ammoniak (NH3), propaan (of isobutaan) en CO2. Deze zijn minder milieubelastend dan synthetische koudemiddelen.
Aardwarmte, ofwel geothermie, is duurzame warmte die wordt gewonnen uit aardlagen op dieptes tussen de 500 en 4.000 meter. Een warmtewisselaar transporteert het water in een warmtenet voor verwarming van gebouwen of de glastuinbouw.
Noodverlichting brandt continu en verbruikt daardoor, ondanks het lage vermogen, jaarlijks veel elektriciteit. Een zeer zuinig alternatief is led-vluchtwegverlichting. Dat gebruikt maar 50% van het vermogen van TL-vluchtwegverlichting, waardoor de batterij langer meegaat. Ook de lamp gaat langer mee en dit samen bespaart fors op de jaarlijkse onderhoudskosten.
Met tussenmeters kan het energie- of waterverbruik van gebouwdelen, bedrijfsonderdelen of een installatie apart bemeterd worden. Door het plaatsen van een tussenmeter voor gas, elektriciteit en water, krijgt de gebruiker meer inzicht. Daarmee kan sneller worden opgetreden als een afwijking wordt geconstateerd en/of het werkelijke verbruik in rekening gebracht worden.
Veel elektrische apparaten zijn voorzien van een energielabel dat aangeeft hoe zuinig het apparaat is in zijn klasse. A (of soms nog A+++) is het meest zuinig en G is het minst zuinig. Apparaten met een goed energielabel zijn iets duurder in de aanschaf, maar goedkoper in het gebruik. Gemiddeld bespaar je per labelstap 10 tot 20% elektriciteit.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.