Duurzaam verlichten begint met het optimaal gebruik van daglicht, dat wil zeggen bij een goed ontwerp van de daglichtopeningen (ramen, lichtkoepels, lichtstraten en glasstroken in scheidingswanden). Enerzijds kost dit minder energie voor verlichting. Maar minstens zo belangrijk: mensen vinden daglicht prettig. Denk aan bedrijfshallen en zwembaden waar daglicht (via de gevel) slechts beperkt binnen kan komen. Overweeg daglichttoetreding via het dak bij nieuwbouw of vernieuwing van het dak.
Voor de verschillende soorten werkzaamheden zijn vaak een grote diversiteit aan verlichtingsniveaus noodzakelijk. Door het werkoppervlakin te delen in verlichtingszones met op de werkzaamheden aangepaste verlichtingsniveaus kan voorkomen worden dat op bepaalde plaatsen een te hoog vermogen wordt geĂŻnstalleerd.
Verlichting kan worden afgestemd op de aanwezigheid van mensen en/of de verlichtingsbehoefte. Dit kan door het aanbrengen van meerdere lichtschakelgroepen die elk apart aan- of uitgezet kunnen worden met gewone schakelaar of op basis van daglicht- of aanwezigheidssensoren. Deze maatregel leidt tot een gemiddelde energiebesparing voor verlichting van 15%.
Een tijdschakelklok kan worden toegepast om de verlichting uit te schakelen als hier geen behoefte aan is. De schakelaar kan gekoppeld zijn aan een armatuur, aan de verlichting in een ruimte of aan de verlichting van het gehele gebouw. Deze maatregel leidt tot een verlaging van het elektriciteitsgebruik tussen de 10 en 25%.
Plaats in ruimten die niet continu bemenst zijn aan- of afwezigheidsdetectie (ook wel bewegingsmelder). Met sensoren wordt vastgesteld of iemand in het vertrek is. Is dit niet het geval, dan schakelt de verlichting na een bepaalde tijd automatisch uit.
Ruimtes die onderling verbonden zijn maar verschillende functies en klimaateisen hebben, worden van elkaar gescheiden met flappen, snelsluitende deuren of losse wanden. Door de compartimentering kan op geconcentreerde wijze aan de warmte- of koudebehoefte worden voldaan en wordt dus minder ruimte nodeloos verwarmd of gekoeld. Dat betekent altijd een energiebesparing.
Wanneer verlichting alleen ter beveiliging is geĂŻnstalleerd, hoeft deze alleen te gaan bij aanwezigheid van indringers: de zogenaamde schrikverlichting. Dit kan met aanwezigheidsdetectie gekoppeld aan de buitenverlichting. Als indringers herkenbaar moeten zijn, is permanente verlichting noodzakelijk op inbraakgevoelige plaatsen. Bij camerabeveiliging moet de verlichting worden afgestemd op het minimale verlichtingsniveau dat de camera nodig heeft.
Door een efficiënte indeling van de verlichtingsmasten op een parkeerterrein en de juiste keuze van de hoogte van de mast en de soort verlichting kan de meest energiezuinige verlichting op een parkeerterrein worden geplaatst.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.