Ontwikkel een duurzaam mobiliteitsbeleid met heldere doelen en een actieplan om de impact van het vervoer van jouw organisatie op klimaat en de leefomgeving te beperken. Splits dit in ieder geval uit in de categorieën woon-werkverkeer en zakelijk verkeer. Voeg daar goederenvervoer, bezoekersverkeer, personenvervoer en of mobiele werktuigen aan toe indien dit van toepassing is op jouw organisatie. Zorg vervolgens dat de maatregelen uit het beleid planmatig worden uitgevoerd, en monitor of de gestelde doelen behaald worden.
Vervang in de luchtbehandelingskast (LBK) de ventilatorsectie met oude indirect gedreven slakkenhuisventilatoren door direct gedreven ventilatoren (plugfans). Onderzoek het vervangen van ventilatoren met klasse IE1, IE2 en IE3.
Vervang onzuinige ventilatoren (i.i.g. IE1 van meer dan 5,5 kW) door ventilatoren van klasse IE4 of hoger. Hierdoor neemt de efficiëntie toe en wordt energie bespaard.
Pas een frequentieregelaar toe om het circulatievoud te regelen bij gekoelde opslag van groente, fruit of andere plantaardige producten. Een goede ventilatie voor dit soort 'levende' producten is vereist omdat ze ethyleengas produceren, wat voor bederving van het product zorgt. Door te sturen op de ethyleenconcentratie kan het ventilatievoud worden geoptimaliseerd.
Roltrappen gebruiken vaak meer energie dan nodig. Wanneer je een nieuwe roltrap laat plaatsen, of een roltrap laat renoveren, kunnen meerdere technieken toegepast worden om het energieverbruik van de roltrap te verminderen. In deze maatregel een toelichting op die technieken.
Koelingen in supermarkten die afgesloten zijn met glazen deuren gebruiken vaak onnodig te veel energie. De thermometers in deze koelingen zitten vaak dicht bij de deur. Daar is de lucht warmer dan elders in de koeling, en niet representatief voor de koelbehoefte. Door de thermometer op een meer passende plek te plaatsen, hebben supermarkten gemiddeld 5 procent minder energie nodig voor het koelen van hun producten.
In een hybride warmtepompsysteem levert de warmtepomp de basislast voor verwarming, terwijl de gasketel bijspringt als de warmtevraag groot is. Het is voor bestaande bedrijfspanden een relatief eenvoudige en financieel interessante maatregel om het gasverbruik en de CO2-uitstoot vergaand te verlagen.
Infraroodpanelen zijn soms een alternatief voor aardgasgestookte verwarming 1) in ruimten met beperkte gebruikstijden, 2) in ruimten waar mensen in een klein deel van de ruimte werken en 3) als aanvulling op lagetemperatuurverwarming (bijvoorbeeld met warmtepomp) in matig geïsoleerde gebouwen, waar de lagetemperatuurverwarming op zeer koude dagen het gebouw onvoldoende kan opwarmen. Ze zijn minder geschikt in ruimten die volledig en continu verwarmd moeten worden.
Sluit indien mogelijk aan op een warmtenet en ga van het gas af. De huidige warmtenetten zijn meestal nog afhankelijk van fossiele bronnen, maar op termijn kunnen warmtenetten goed gevoed worden met duurzame warmtebronnen, zoals geothermie. Informeer bij je gemeente naar ontwikkelingsplannen voor warmtenetten in het gebied.
Abonneer je op onze doe-het-zelf-nieuwsbrief met inspirerende voorbeelden, hulpmiddelen en maatregelen om met je bedrijf of organisatie te werken aan duurzaam ondernemen. Max. 10 keer/jaar.
Je ontvangt een e-mail om je aanmelding te bevestigen.